Spring naar inhoud

Februari 2012

Vaclav Havel (1935 - 2011).

Op 18 december vorig jaar stierf Vaclav Havel, de eerste president van Tsjecho-Slowakije na de val van het communisme in Europa. In dat land geboren worden in 1935 betekent dat je de Duitse bezetting hebt meegemaakt en later de communistische overheersing. Wat Havel opviel was dat de mensen gewoon met de leugens leerden te leven. De groenteman had op zijn winkelraam een bord hangen "Proletariers aller landen verenigt u".

Dat deed hij niet omdat hij overtuigd communist was en lid van de partij, maar dat deed hij om aan te tonen dat hij een betrouwbaar lid was van de socialistische maatschappij en dus met rust gelaten moest worden. En zo leerden de mensen te leven met de leugen. Nu was de kleine Vaclav een jongen uit de betere kringen en die werden in de comministische arbeidersrepubliek Tsjechp-Slowakije extra gepest. Die plaatste hem buiten de orde en zo ont- wikkelde hij een eigen denken. Zelfstandig denken kon je beter niet doen in die tijd. Havel schreef toneelstukken en regisseerde toneel en het gevolg was dat hij jaren in de gevangenis heeft moeten doorbrengen.

Uiteraard sloot hij zich aan bij de Praagse Lente van 1968 en bij Charta '77, een Praagse mensen- rechtenbeweging. En op 5 juli 1990, de muur was gevallen en de communistische regimes omver geworpen, werd Havel tot president gekozen. Maar niet denken dat het nu voor elkaar was. Havel zag heel goed dat de menselijkheid voortdurend overal onder druk staat. Hij ziet dat het gevoel van zinloosheid de mensen overal bedreigt, vaak zonder dat de mensen het beseffen.
"De tragedie van de moderne mens bestaat niet zozeer in het feit dat hij eigenlijk steeds minder weet over de zin van zijn eigen leven, maar dat hem dit steeds minder kan schelen".

Maak het je gezellig, woorden als verantwoordelijkheid of schuld bestaan niet meer, zeker niet in diepere zin. Zo krijgen oude Bijbelse woorden als hoop, onsterfelijkheid, God, schuld enz. voor deze humanistische filosoof toch weer een nieuwe betekenis. Wanneer de mens over deze woorden niet meer nadenkt, zal die mens, hoe intelligent hij verder ook is, toch afglijden. In het oude testament staat het verhaal over de eerste broedermoord. Kain is jaloers op zijn broer, omdat hij denkt dat God Abel meer welgevallig is dan hem. Kain gaat met zijn broer een eind wandelen in het veld en daar slaat hij Abel dood. Wanneer Kain alleen verder gaat roept God hem:

"Kain, waar is je broeder Abel?". Kain antwoordt: "Dat weet ik niet, ben ik soms mijn broeders hoeder?". Maar God heeft alles gezien en zegt Kain dat hij verder als zwerver over de aardbodem zal dolen, maar dat God niet zou toestaan dat iemand hem zou doden. Kain en zijn nageslacht worden later de smeden, de bouwers van steden enz. Het waren de praktische, technische en ook bestuurlijke mensen. Abel was meer de geestelijke mens, de mens die wandelt met God, de mens van het geweten. De namen Havel en Abel zijn dezelfde. De b-klank en de v-klank liggen in de oude Hebreeuwse taal heel dicht bij elkaar. Met de H van Havel worstelen vandaag de dag ook nog eens de Drenthen, die spreken van Hassen en Oogeveen. Zo vertegenwoordigt Havel een deel van ons, het geweten, het deel dat de vraag stelt naar de zin van ons doen en laten. Kain, dat zijn de ingenieurs, de projectontwikkelaars, de zorgmakelaars, de financiele mensen, de bestuurders, zij die de euro trachten te redden. De gewone mensen zijn de consumenten die je wat geld in handen duwt en zegt dat hij het moet uitgeven, geen hand op de knip, dat is slecht voor de economie. Niet vragen naar de zin van dat alles, dat houdt de boel maar op.

Kain en Abel zijn broers. In Bijbelse taal betekent dat de twee zijden van de mens, een zakelijke, technische, praktische zijde en de geestelijke zijde, de zijde van het geweten. Deze beide zijden hebben elkaar nodig. Heb je alleen de Abel-zijde, dan komt je niks meer van de handen en leef je in gebrek en armoede. Heb je alleen de Kain-zijde, dan krijg je wellicht een technisch-hoogontwikkelde wereld met schitterende voorzieningen, maar een wereld waarin het geweten afsterft met alle gevolgen van dien. De Abel-zijde vraagt onze zorg. van nature zijn wij wellicht geneigd die zijde van ons weg te duwen, soms zelfs te doden. Vandaar dat God zegt: "Kain, waar is uw broeder Abel?". Vaclav Havel mogen wij zien als het geweten van het moderne Europa.

Gelukkig niet de enige en hopelijk niet de laatste...

R. Stoel

(opgedragen aan Jan Kooistra,dichter,1932-1992, van wie ik het boek "Angst voor de vrijheid" van Vaclav Havel kreeg)